Een verhaal van Jaap van Weelden
------------------------------------------------------------------
Tijdens mijn bezoek aan Hellouw, ik had de auto aan het begin van het dorp
neergezet, op zoek naar oud leden, werd ik op veel plekken naar binnengehaald
en begon men te vertellen. Over vroeger. Over Flip Kranenburg, de eerste dirigent van de Nep--. Eigenlijk was dit de tweede Nep. Voor de oorlog was er ook al een mondfluitenclub. Dirigent was toen Dhr de Kort, die ook gelijktijdig jurylid was van een concours in Arnhem waar de Nep op moest treden. Een verplicht nummer en een vrij nummer stonden dan op het programma.– Als Flip dirigeerde gebeurde er van alles. Ze moesten er wel voor zorgen dat ze tegelijk aan het eind van het liedje waren. Dan was het o.k. Flip werd zo doof dat hij niet in de gaten had dat er wel eens twee verschillende nummers door elkaar gespeeld werden. Over Aart de Joode , die niet alleen de volgende dirigent was, maar ook nog begrafenisondernemer en melkboer, dat Aart onder het lopen bij een rouwstoet de zangeres van de Nep nog een knipoogje gaf. Aart de Joode was ook de eerste die de leden van de Nep noten leerde lezen. Hij speelde dan op een oud traporgel de eerste noten en dan werd er gerepeteerd. over Hanneke d'n domenie, die een beetje stotterde, maar niet als ie zong. Over Droomland en de vogels die Aai van Weelden na kon doen. Leen van Oosterum die de mondfluit niet van links naar rechts bespeelde en nog bespeelt, maar de mondfluit op zijn kop en dan van rechts naar links.Over het kastje met mondfluiten en over de tournee’s. Naar Kerkdriel was al een buitenlandse tournee omdat je dan de brug bij Bommel over moest.
-------------------------------------------------------------------------------------------------
De Nep moest naar een landelijk concours in Arnhem. De veewagen werd schoongemaakt en er werden stoelen ingezet en de reis naar Arnhem kon beginnen. Of er werd een bus gehuurd bij van Ballegoie busonderneming te Haaften. Aart de Joode had de repetities goed voorbereid. Op een oud traporgel werden dan de eerste noten geleerd. Alleen Leen van Oosterum en Wim Hol konden noten lezen.
‘s-Zomers werd er ook op straat gespeeld en gerepeteerd. Met Rientje Bambacht op de kleine trom en Jakob van Oosterum had de overslagtrom.
Als er dan op straat gespeeld werd vonden de mensen het geen herrie. Er werd dan meegezongen. Vooral Amsterdamse liedjes waren toen populair. Ook de sociale aspecten kwamen aan de orde. Verhalen dat de Hakkertjes die toen een kruidenierswinkeltje hadden best wel eens mensen wat gaven zonder dat ze er voor moesten betalen.Sommige zaken, zoals de Nep, ASH en het borreltje gingen soms voor de boodschappen.Of een frietje halen bij Jasse in de Vossenjacht. De leden en het bestuur waren dan blij als er uitvoeringen werden gegeven. Dat bracht dan geld op en konden er weer rekeningen betaald worden of nieuwe mondfluiten gekocht worden.
Tijdens mijn wandeling door Hellouw ben ik maar één pet met een NEP embleem tegen gekomen.Er zullen er best nog een paar in de kast staan.
Waar het beroemde kastje is gebleven waar de mondfluiten en de gewonnen medailles in zaten weet niemand meer…………..
Toch was het een mooie en wonderlijke ervaring.
met in het verschiet een optreden in dorpshuis de Biskamp? Geef uw mening in het gastenboek.